Eerder dit jaar hield Mark Carney, premier van Canada, een beklijvende speech in Davos: "Middelgrote mogendheden moeten de krachten bundelen, want wie niet aan tafel zit, staat op het menu." Vandaag lees ik in de krant dat Canada ons land wil betrekken bij een nieuwe 'democratische defensiebank', met hoofdkwartier in Montréal. Het bewijst dat de woorden van Carney geen retoriek zijn, maar dat er effectief beweging zit in het kamp van de middle powers.
In mijn boek 'Houvast of houdgreep. Naar een Europa dat moet beschermen zonder af te schermen' pleit ik daar expliciet voor: de EU moet het voortouw nemen in een 'coalitie van de redelijken', met onder meer het Verenigd Koninkrijk, Noorwegen, Zwitserland, Canada, Japan, Zuid-Korea, Australië en Nieuw-Zeeland. Samen vormen we in theorie de vierde economie ter wereld. Oud-NAVO-secretaris-generaal Anders Fogh Rasmussen schreef recent over een 'D7'. Ik spreek liever van een D9, met Noorwegen en Zwitserland erbij. Een democratische alliantie met, bijvoorbeeld, een overeenkomst waarbij economische dwang of chantage tegen één lid een onmiddellijke en evenredige reactie van alle anderen uitlokt, naar analogie met artikel 5 van de NAVO. Dat zou niet alleen een groep zijn met gedeelde waarden, maar ook een economische supermacht die effectief gewicht in de schaal kan leggen.
De partners zijn er, de ideeën zijn er, en de urgentie is duidelijk. Trump kondigt op de komende NAVO-top in Turkije allicht opnieuw hogere eisen aan, China gebruikt economische afhankelijkheden als breekijzer, en Denemarken ligt openlijk overhoop met Washington over Groenland. Europa kan zich niet langer verschuilen achter de sterke arm van Washington, maar mag zich ook niet laten intimideren door Moskou of Peking. De tijd van monogame geopolitiek is voorbij, zoals ik het in mijn boek omschrijf. Het is tijd voor een polyamoureuze geopolitieke agenda van de EU: respectvol investeren in meerdere relaties tegelijk, vertrekkend vanuit de eigen belangen, zonder exclusiviteit te eisen. Een D9 van zogenaamde middle powers zou een uitstekende aanzet zijn. Wie in de huidige context blijft wachten op betere tijden, kiest impliciet voor het menu in plaats van voor de tafel. De democratische defensiebank van Canada moet een eerste signaal zijn dat de middle powers elkaar beginnen te vinden. Het is leiden of geleid worden. En Europa kan daar maar beter het voortouw in nemen.