Ik was erbij sinds 1971. In die halve eeuw is de informatica geëvolueerd van ponskaarten, centrale verwerking en schaarse geheugens naar wereldwijde netwerken, objectgeoriënteerde systemen, databanken en artificiële intelligentie. Onderweg heeft het peloton mij meermaals voorbijgefietst. Nieuwe technologieën, nieuwe modewoorden en nieuwe architecturen volgden elkaar op in hoog tempo.
Toch biedt afstand soms een ander voordeel. Wie een beperkt traject aflegt, kent zijn eigen etappe. Wie de volledige rit heeft meegemaakt, ziet ook de bochten, de omwegen en de terugkerende patronen. Daardoor kan hij beschrijven hoe dezelfde fundamentele vragen telkens opnieuw verschijnen onder een andere vorm.
De centrale spanning is nooit veranderd: hoeveel intelligentie plaatsen we in de verwerking en hoeveel in de structuur? Relationele databanken, OOP, planningssystemen, kennisgrafen, agenten en AI zijn verschillende antwoorden op dezelfde vraag. Wat verandert zijn de technische middelen; wat blijft zijn de principes van classificatie, coherentie, normalisatie en betekenis.
Misschien ligt de waarde van een lange loopbaan daarom niet in het bijhouden van elke technologische sprint, maar in het herkennen van de onderliggende continuïteit. Het peloton is voorbijgereden, maar wie de volledige koers heeft gezien, kan soms beter uitleggen waar ze vandaan komt, waarom ze die richting koos en waar de volgende bocht zich bevindt.