WAAROM ALLES WAT NEDERLANDERS VERBINDT MOET VERDWIJNEN
(zelfs de oliebol)
Het is een kleine passage, ergens halverwege een beleidsstuk over βduurzame jaarwisselingspraktijkenβ. Je leest er makkelijk overheen. EΓ©n zin. Misschien twee. Maar wie hem eenmaal ziet, kan hem niet meer ont-zien.
βTraditionele gefrituurde jaarwisselingsproducten verdienen heroverweging in het licht van gezondheid, veiligheid en maatschappelijke effecten.β
Klinkt vaag. Onschuldig bijna. Precies zoals het altijd begint.
Want laten we eerlijk zijn: we hebben dit patroon inmiddels leren kennen.
Het begon met de vreugdevuren.
Toen vuurwerk.
Carbid schieten.
De dorpskermissen.
De open haard werd problematisch.
Vervolgens kinderfeestjes (met traktatiebeleid).
Zwarte Piet verdween.
Sinterklaas bleef, maar wel in een sterk vereenvoudigde editie en onder controle van het Sinterklaasjournaal (staatstelevisie).
Elke keer zeiden we: βAch joh, dat zal wel meevallen.β
Waarom de oliebol ineens βopvaltβ
Op het eerste gezicht lijkt de oliebol onschuldig. Maar kijk er door de bril van beleid naar, en hij wordt plots een dossier:
Vet β gezondheidskosten
Hete olie β brand en/of verbrandrisico
Kramen β vergunningen
Geur β overlast
Consumptie in groepen β ongecontroleerde samenkomst
Bij veroudering wordt ie zo hard als een baksteen β veiligheidsrisico
En misschien wel het ergste van alles:
de oliebol nodigt uit tot delen.
Buren die elkaar iets aangeven.
Vreemden die lachen.
Mensen die samen aftellen, zonder app, zonder protocol.
Dat is gezellig.
En gezelligheid is notoir slecht meetbaar.
De historische ironie
De oliebol bestaat al meer dan vijf eeuwen.
Hij overleefde oorlogen, ziektes, hongersnood en zelfs de jaren zeventig.
Niet omdat hij gezond was.
Maar omdat hij functioneerde.
Hij hoorde bij:
- kou
- samenzijn
- overgang
- afsluiting
De oliebol markeerde het moment waarop het oude jaar werd losgelaten. Samen. Met poedersuiker op de vingers.
Geen beleid. Wel ritueel.
En toch⦠schuift hij langzaam het rijtje in
Niemand zegt: βWe schaffen de oliebol af.β
Dat zou veel te direct zijn.
Men zegt:
- ontmoedigen
- herijken
- moderniseren
Totdat de oliebollenkraam ineens βniet meer rendabelβ is.
Totdat gemeenten βalternatievenβ stimuleren.
Totdat iemand vraagt:
βEten mensen eigenlijk nog wel oliebollen?β
Over de appelbeignet
Opvallend genoeg is het daarover nog onduidelijk.
Sommige stukken noemen hem apart.
Als fruitvariant.
Mogelijk tijdelijk toegestaan.
Er wordt gesproken over:
- kleinere porties
- aangepaste positionering
- en een gedoogstatus βin afwachting van evaluatieβ
Iemand schijnt te hebben gezegd:
βWe moeten niet alles tegelijk doen.β
Dat stelt gerust. Voor nu.
Slot (lees dit rustig)
Maar laten we vooral niet doorslaan.
De oliebol wordt natuurlijk niet verboden.
Dat zou ondenkbaar zijn.
Hij blijft toegestaan,
mits:
- zelfgebakken
- zonder olie
- zonder suiker
- zonder vuur
- zonder uitstoot
- zonder geschiedenis
- zonder buren
En gegeten:
- alleen
- stil
- met mate
- liefst binnen
- liefst zonder plezier
De appelbeignet?
Die mag voorlopig nog.
Denken we.
Maar goed, wie had tien jaar geleden gedacht dat we dit serieus zouden lezen? ππ₯πΎ
Fijne jaarwisseling!