Rijdt een zoon met zijn moeder 's avonds terug van een familiebezoek.
De heel bazige moeder wil persΓ© zelf rijden, want de zoon kan er hoegenaamd niks van en ze neemt het stuur over.
De moeder weet ook veel beter de weg (denkt ze).
Op een gegeven moment wil ze een donkere straat inslaan, en de zoon zegt: "Ma, daar zou ik niet inrijden."
Moeder antwoordt: "Hou je erbuiten, je weet toch nooit wat zinnigs !"
Enfin, moeder draait de straat in, en het Γs me toch een slechte weg ! Bonken, hotsen en botsen.
"Mijn God" roept de moeder boos, "wat een ongelooflijk slechte weg."
Al verder rijdend, wordt ze steeds kwader vanwege die slechte weg.
Zegt de zoon: "Rustig ma, rustig nou, gewoon doorrijden tot het eerstvolgende witte knipperlicht."
De moeder antwoordt boos:
"Daar heb je hem weer ! Wat moet ik nou met dat witte knipperlicht ? Wat is dat voor iets idioots ?"
Zegt de zoon:
"Rustig ma, dat wil zeggen dat je bij een overweg komt. Daar kun je weer van de spoorbaan af."