"wie zelf een grandioos zooitje maakt van de asielopvang én zoveel vrienden (en familie) in het systeem heeft zitten, betaalt liever vrolijk en vooral stilzwijgend door."
@MinisterAenM
@2eKamertweets
United Nations High Commissioner for Refugees (UNHCR) (CONCEPT!)
Nederland is al decennialang een van de trouwste, meest gulle en bijna ontroerend loyale partners van de UNHCR. Sinds 1970 hebben we, als braafste jongetje van de klas, naar schatting 1,5 tot 3 miljard USD overgemaakt — via directe kernfinanciering, Europese potjes en multilaterale fondsen. Want wat is er nou mooier dan belastinggeld uitkeren aan een organisatie die je zo dierbaar is?
Als klap op de vuurpijl investeert Nederland via het PROSPECTS-partnerschap honderden miljoenen euro’s in “duurzame opvang in de regio”. Alleen al in fase 2 (2024-2026/7) liefst €800 miljoen, keurig verdeeld over UNHCR, UNICEF, ILO en de Wereldbank. Daarnaast schenkt de Nationale Postcode Loterij al sinds 2002 jaarlijks €2,25 tot €2,5 miljoen aan vrije middelen. Hartverwarmend toch, die Nederlandse gulheid?
Helaas kampt diezelfde UNHCR wereldwijd met een hardnekkig en bijna komisch structureel probleem: fraude, mismanagement en een opvallend talent om schandalen onder de mat te vegen. Neem het Uganda-schandaal (2018-2022). Een VN-onderzoek (OIOS) onthulde honderdduizenden spookvluchtelingen en mismanagement van 44 tot 214 miljoen dollar.
Het VK en Duitsland bevroren onmiddellijk hun bijdragen. Nederland? Stilte. Complete radiostilte. Geen Kamerbrief, geen Kamervragen, geen tijdelijke stopzetting. Niks. Gewoon vriendelijk blijven doorschuiven.
In 2019 ontmaskerde NBC News systematische omkoping bij hervestiging. In december 2025 werd protection officer Severinus Sainga in Namibië aangeklaagd voor het verduisteren van ruim €40.000 aan cash-hulp. Den Haag: doodse stilte.
Dit patroon van oorverdovend stilzwijgen is bijna komisch ongeloofwaardig. Terwijl andere landen nog een béétje doen alsof ze om het geld van de burgers geven, blijft Nederland vrolijk meebetalen via kernfinanciering en ‘stille diplomatie’. Waarschijnlijk omdat we thuis zelf al een fraai zooitje hebben bij de IND, het COA en de AZC’s, én omdat de band met UNHCR zo innig is dat kritiek voelt als verraad aan de eigen familie.
In de statige gangen van het Palais des Nations in Genève speelt zich al decennia een ware Nederlandse soap af. Van de allereerste Hoge Commissaris Gerrit Jan van Heuven Goedhart (1951) tot oud-premier Ruud Lubbers (2001-2005), die opstapte na beschuldigingen van seksuele intimidatie. Tot vandaag wemelt het er van de landgenoten: Ivo Freijsen in Bangladesh, Irene van Rij in Den Haag, Prins Jaime de Bourbon de Parme (neef van de koning) die in 2018 als Senior Advisor werd gedetacheerd, en vele anderen.
En dan hebben we Jaap Hoeksma, juridisch officer bij UNHCR van 1976 tot 1990 én vice-voorzitter van VluchtelingenWerk Nederland. Hij durfde het Nederlandse beleid openlijk te bekritiseren als te restrictief en te weinig trouw aan het Vluchtelingenverdrag. Dat kostte hem rond 1990 zijn baan.
Zo mooi sluit de cirkel zich: van kritische UNHCR’ers met nauwe banden bij VluchtelingenWerk Nederland, tot een prins die er gedetacheerd wordt, tot ambtenaren die de lijntjes warm houden. Nederland levert niet alleen miljarden, maar ook mensen, idealen én koninklijke connecties.
Als je land zó verstrengeld is met de UNHCR — van pioniers tot prinsen, critici en ambtenaren — wordt kritiek opeens héél ongemakkelijk. Het voelt bijna als landverraad. Wie zonder zonde is, werpe de eerste steen. Of in dit geval: wie zelf een grandioos zooitje maakt van de asielopvang én zoveel vrienden (en familie) in het systeem heeft zitten, betaalt liever vrolijk en vooral stilzwijgend door.
Peter Siebelt-Zozzaro 12 juni 2026