Zwitserland stemt, en dat mag blijkbaar niet
Toch blijft het interessant. Zodra inwoners zelf mogen meepraten over migratie, bevolkingsgroei, woningdruk en de toekomst van hun land, wordt dat al snel weggezet als xenofoob. Niet als democratie. Niet als burgerinspraak. Niet als een normaal debat over draagkracht. Nee, meteen hangt er een moreel waarschuwingsbord boven: gevaarlijk, onmenselijk, anti-Europees.
Maar juist dát is democratie. Mensen mogen zeggen wat zij zien, voelen, vrezen en willen. Niet alleen wanneer hun mening past binnen het wereldbeeld van activistische politici, journalisten en belangengroepen. Democratie is niet pas legitiem wanneer de uitkomst links-progressief klinkt.
Zwitserland stelt een simpele vraag: hoeveel groei kan een land aan? Meer inwoners betekent meer druk op woningen, zorg, infrastructuur, onderwijs en sociale voorzieningen. Dat zijn geen xenofobe vragen. Dat zijn bestuurlijke vragen. Juist politici die weigeren die vragen serieus te nemen, voeden wantrouwen.
En dan komt natuurlijk het bekende dreigement: Zwitserland zou afdrijven van Europa. Daar kun je bijna om lachen. De EU, die zelf geen gecontroleerde instroom weet te organiseren. De EU, waar grenzen zo lek zijn als een mandje. De EU, waar mensen doorreizen naar het land dat hun het beste bevalt. De EU, waar burgers al jaren hun zorgen uiten over woonruimte, belastingdruk, uitkeringen, opvang en veiligheid, maar vaak worden weggezet als dom, bang of extreem.
En die EU, of haar bewonderaars, gaan Zwitserland de maat nemen?
Misschien is het echte probleem niet dat Zwitsers mogen stemmen. Misschien is het probleem dat ze nog mogen stemmen over onderwerpen waar andere landen liever geen echte volksraadpleging over houden. Want stel je voor dat burgers een ander antwoord geven dan de bestuurders willen horen.
Zwitserland drijft niet af van democratie. Zwitserland gebruikt haar juist. En precies dat lijkt voor sommigen het meest bedreigend.
Viva la democratie.
nu.nl/buitenland/6399321/zwi…