Precies dit
Veel Nederlanders kennen Javier Milei vooral als die razend gekke Argentijn met de kettingzaag.
Wat hier zelden of nooit wordt uitgelegd, is waar die kettingzaag eigenlijk voor bedoeld is.
Neem het Garrahan ziekenhuis in Buenos Aires.
Stel dat iemand het Prinses Máxima Centrum, het Sophia Kinderziekenhuis en een nationaal transplantatiecentrum zou samenvoegen tot één instelling. Dat is ongeveer de positie die het Garrahan in Argentinië inneemt. De moeilijkste kinderkankers, transplantaties en operaties van het land komen daar terecht. Jaarlijks behandelt het ziekenhuis honderdduizenden patiënten en verricht het duizenden complexe ingrepen. Voor veel Argentijnen is het een nationale trots.
Toen Milei audits en hervormingen aankondigde, verschenen onmiddellijk verhalen over een president die zou bezuinigen op zieke kinderen met kanker.
Veel normale Argentijnen stelden een andere vraag.
Hoe kan een topkinderarts in het belangrijkste kinderziekenhuis van Argentinië slechts €1.300 tot €1.500 per maand verdienen?
Hoe kan een arts-assistent die werkt in een van de beste kinderziekenhuizen van Latijns-Amerika rond de €600 per maand verdienen?
Hoe kan een instelling met meer dan 4.500 werknemers voortdurend geld tekortkomen?
En waarom bestaat bijna een derde van het personeel uit administratieve functies terwijl artsen en verpleegkundigen blijven klagen over salarissen, personeelstekorten en werkdruk?
Om die vragen te begrijpen moet je een paar Argentijnse woorden kennen.
- Een “ñoqui” is iemand die op de loonlijst van de overheid staat zonder een duidelijke productieve functie te vervullen.
- Een “empleo militante” is een baan die wordt verkregen dankzij politieke loyaliteit, vakbondsactiviteiten of partijactivisme.
- Een “kiosco” is een publieke instelling die door politieke groepen wordt gebruikt als bron van banen, contracten, invloed en inkomsten.
Vrijwel iedere Argentijn begrijpt onmiddellijk waarover je het hebt.
Gedurende tientallen jaren bouwden opeenvolgende regeringen, vooral peronistische regeringen, een systeem op waarin publieke instellingen niet alleen een publieke functie hadden, maar ook een politieke functie. Ministeries, staatsbedrijven, universiteiten, ziekenhuizen en agentschappen werden plekken waar politieke macht werd verdeeld, beloond en gereproduceerd.
De discussie rond het Garrahan ging daardoor over veel meer dan gezondheidszorg. Ze ging over de vraag hoeveel geld daadwerkelijk terechtkomt bij artsen, verpleegkundigen, onderzoekers en patiënten.
En hoeveel geld terechtkomt bij bureaucratische structuren, vakbondsapparaten, politieke benoemingen en cliëntelistische criminele netwerken.
Dat is ook waarom zoveel Argentijnen het conflict anders zagen dan veel Europese media.
Zij zagen geen strijd tussen Milei en artsen of verpleegkundigen.
Zij zagen artsen van wereldniveau die minder verdienen dan veel Nederlandse vakkenvullers bij Albert Heijn. Zij zagen een ziekenhuis dat behoort tot de beste van Latijns-Amerika.
En zij zagen een politieke klasse die onmiddellijk fanatiek begon te schreeuwen zodra iemand vroeg waar het geld eigenlijk bleef.
Interessant genoeg eindigde het verhaal niet met de ineenstorting die door veel critici werd voorspeld.
Het Garrahan bestaat nog steeds. De operaties gaan door. De transplantaties gaan door. De patiënten worden nog steeds behandeld.
De salarissen van echte medewerkers werden stevig verhoogd.
De audits gingen door. En miljoenen Argentijnen kregen voor het eerst inzicht in de schandalige manier waarop publieke instellingen werden beheerd.
Dat is misschien wel de grootste politieke overwinning van Milei in dit dossier.
Hij slaagde het debat te verschuiven van “hoeveel geld geven we uit?” naar “waar gaat het geld eigenlijk naartoe?”
Dat is een vraag waar niet alleen Argentinië iets van kan leren. Ook in Den Haag hebben we dit nodig. Een kettingzaag tegen de maffia.