Roald Schoenmakers Libertarian and small business owner in digital marketing in Spain Argentina.

Joined October 2008
7,256 Photos and videos
Decennialang maakten economen een cynische grap: er bestaan vier soorten economieën. Ontwikkelde landen, ontwikkelingslanden, Japan en Argentinië. Japan omdat het economische wetten leek te tarten. Argentinië omdat het misschien wel het meest spectaculaire voorbeeld was van een land dat zichzelf arm bestuurde. Dat is opmerkelijk, want Argentinië was ooit juist een van de grootste economische succesverhalen uit de moderne geschiedenis. Rond 1900 behoorde het land tot de rijkste ter wereld. Het inkomen per hoofd van de bevolking kon wedijveren met de Verenigde Staten en West-Europa. Miljoenen immigranten trokken erheen op zoek naar vrijheid, eigendom en kansen. Wat volgde was meer dan een eeuw van inflatie, protectionisme, corporatisme, cliëntelisme en groeiende staatsmacht. Een rijk land werd arm bestuurd. Tegen 2023 was Argentinië economisch failliet tot op het bot. Een land dat ooit tot de rijkste ter wereld behoorde, leefde van geldcreatie, schulden en inflatie. Meer dan 40 procent van de bevolking leefde in armoede. Het landenrisico lag rond de 1.900 basispunten. Voor internationale beleggers was Argentinië praktisch oninvesteerbaar. Junkbond status. En toen kozen de Argentijnen Javier Milei. Voor het eerst in de geschiedenis kwam een expliciet libertaire beweging aan de macht. Geen technocratische staatsplanning of de onzin van etnonationalisme. Maar libertarisme. Ruim twee jaar later zijn de resultaten historisch. Landenrisico: 1.900 → 443. Maandinflatie: 25,5% → 2,1%. Armoede: 52,9% → 28,2%. Groei: 2024 -1,3%, 2025 4,4%, 2026 verwacht 3,5%. Kredietrating: CCC → B-. S&P Merval in USD: 200% sinds 10 december 2023. Wie op Milei’s eerste dag $100.000 in de Argentijnse beurs had geïnvesteerd, heeft nu in juni 2026 ongeveer $300.000. Dat is marktvertrouwen uitgedrukt in harde dollars. De armoededaling van 52,9% naar 28,2% behoort tot de snelste armoedereducties ooit gemeten in een middeninkomensland in de geschiedenis. Financiële markten stemmen niet met woorden, maar met kapitaal. En de markten hebben hun oordeel gegeven. Zijn alle problemen opgelost? Natuurlijk niet. Meer dan een eeuw economisch verval herstel je niet in tweeënhalf jaar. Maar de spectaculaire richting van de verandering is moeilijk te ontkennen. Misschien is dat ook de les voor Nederland. De keuze is niet beperkt tot technocratische bobo bureaucratie aan de ene kant of dom etnonationalisme aan de andere. Er bestaat een alternatief. Dat alternatief heet libertarisme.
3
9
28
454
Het Portugese politieke traject in de twintigste eeuw is opmerkelijk. Anders dan veel Oost-Europese landen maakte Portugal de overgang van een autoritaire corporatistische dictatuur naar democratie zonder gelukkig ooit een communistische staat te worden. Toch bleef het land economisch veel sterker door collectivistische reflexen beïnvloed dan bijvoorbeeld Polen of de Baltische staten. Het Portugese Estado Novo werd in 1933 opgericht onder leiding van António de Oliveira Salazar. Het regime was autoritair, corporatistisch en sterk beïnvloed door katholiek conservatisme. Politieke partijen werden beperkt, de pers gecensureerd en de geheime politie hield opposanten nauwlettend in de gaten. Anders dan de fascistische regimes in Duitsland of Italië was het Portugese model minder revolutionair en meer gericht op orde, hiërarchie en stabiliteit. Na Salazars ziekte in 1968 nam Marcelo Caetano het leiderschap over. Tegen die tijd kwam het regime steeds meer onder druk te staan. Vooral de kostbare koloniale oorlogen in Angola, Mozambique en Guinee-Bissau putten de economie uit en veroorzaakten onvrede binnen het leger. Op 25 april 1974 vond de beroemde Anjerrevolutie plaats. Een groep van voornamelijk kapiteins van het leger “Movimento das Forças Armadas” zette vrijwel zonder bloedvergieten het regime af. Burgers staken anjers in de lopen van geweren, wat de revolutie haar naam gaf. Wat vaak vergeten wordt, is dat Portugal in de jaren 1974-1975 zeer dicht bij een communistische machtsovername stond. De invloed van de Portugese Communistische Partij onder leiding van Álvaro Cunhal was aanzienlijk. Banken en bedrijven werden genationaliseerd, grote landgoederen onteigend en revolutionaire comités ontstonden in delen van het land. De periode staat bekend als het PREC: Processo Revolucionário em Curso. Uiteindelijk koos Portugal echter niet voor het Sovjetmodel. Gematigde militairen en democratische politici, waaronder Mário Soares, wisten een communistische machtsovername te voorkomen. De mislukte radicale staatsgreep van november 1975 betekende feitelijk de breuk met het revolutionaire socialisme. Portugal ontwikkelde zich vervolgens tot een parlementaire democratie en trad in 1986 toe tot de toenmalige “Europese Gemeenschappen”. Toch bleef Portugal economisch sterk interventionistisch. Waar landen als Polen, Estland en Litouwen na 1990 omvangrijke liberaliseringen doorvoerden, behield Portugal een grote publieke sector, uitgebreide arbeidsregulering en een relatief zware belastingdruk. Het land profiteerde decennialang van Europese subsidies, maar ontwikkelde minder productiviteitsgroei dan veel Oost-Europese landen. Anno 2026 kent Portugal nog steeds structurele problemen: lage lonen, beperkte economische groei, hoge emigratie van jongeren en een woningmarkt die voor veel Portugezen onbetaalbaar is geworden. Vanuit een libertair perspectief zien critici hierin de gevolgen van een model waarin staat, regelgeving en subsidiestromen een te dominante rol zijn blijven spelen. Dat maakt Portugal historisch interessant: het verwierp zowel de autoritaire corporatistische staat van Salazar als het communistische experiment van 1975, maar bereikte evenmin het niveau van economische liberalisering dat sommige postcommunistische landen wel realiseerden. Voor velen is Portugal daarom een democratisch succes, maar economisch een voorbeeld van de beperkingen van langdurig collectivisme. De enige “rechts” liberale partij die Portugal vandaag heeft is @LiberalPT de rest zijn linkse, rechtse of populistische collectivisten. Portugal is een de facto failed state in 2026. De befaamde fado zangeres Amalia Rodrigues zingt hier het lied van de Anjer Revolutie. “Grandola Vila Morena”. youtu.be/0hYn-s64Pgk?si=CmCh…
1
1
2
727
George Brassens - Les Passantes. 1972 Gebaseerd op gedicht uit 1911 van Antoine Pol. NL Vertaling Ik wil dit gedicht opdragen aan alle vrouwen van wie we houden gedurende enkele geheime ogenblikken, aan hen die we nauwelijks kennen, die door een ander lot worden meegevoerd en die we nooit meer terugzien. Aan haar die een seconde verschijnt voor haar raam en dan haastig verdwijnt, maar wier slanke silhouet zo sierlijk en verfijnd is dat het ons vervuld achterlaat. Aan de reisgenote wier ogen, een betoverend landschap, de weg kort doen lijken, die misschien alleen wij werkelijk begrijpen, maar die we toch laten uitstappen zonder haar hand te hebben aangeraakt. Aan hen die reeds gebonden zijn en die, levend in grijze uren naast iemand die hun te vreemd is, ons, in een nutteloze waanzin, de melancholie hebben laten zien van een hopeloze toekomst. Dierbare beelden die wij hebben aanschouwd, verwachtingen die op een dag vervlogen, morgen zullen jullie vergeten zijn, als het geluk ons maar ten deel valt. Want zelden herinnert men zich de episoden langs de weg. Maar wie het gevoel heeft zijn leven te hebben gemist, denkt met een zweem van jaloezie terug aan al die vluchtig aanschouwde geluksmomenten, aan de kussen die men niet durfde te nemen, aan de harten die misschien op jullie wachten, aan de ogen die men nooit meer heeft teruggezien. En zo, op avonden van vermoeidheid, wanneer men zijn eenzaamheid bevolkt met geesten van herinnering, beweent men de afwezige lippen van al die mooie voorbijgangsters die men niet heeft weten vast te houden. youtu.be/wKTt8Tdeb5Y?si=4rdK…
2
3
130
El escándalo del dólar oficial K no es la historia de un financista aislado. Es la historia de un sistema entero de criminalidad organizada. Durante años, el kirchnerismo le dijo a los argentinos que no había dólares. Mientras tanto, el Estado decidía quién accedía al dólar oficial y quién quedaba afuera. Cuando un burócrata reparte un activo escaso a mitad de precio, el resultado no es justicia social. Es una fábrica de privilegios. Las investigaciones sobre las SIRA, las casas de cambio y “el rulo del dólar” muestran un ecosistema donde aparecen siempre los mismos ingredientes: operadores, financistas, funcionarios, intermediarios y empresarios conectados al poder. En testimonios y expedientes aparecen nombres como Elías Piccirillo, Francisco Hauque, Martín Migueles, Valeria Fernández, Miguel Ángel Pesce y otros actores vinculados al sistema financiero y regulatorio. También surgen referencias a Juan Pablo Biondi, hombre de máxima confianza del ex presidente de la República Argentina, Alberto Fernández. Los testimonios hablan de hoteles de lujo, bolsos, amenazas, millones de dólares moviéndose diariamente y supuestas cajas políticas. Será la Justicia quien determine responsabilidades individuales. Pero el patrón es imposible de ignorar. El verdadero escándalo no es sólo quién se benefició. Es quién creó el sistema. El cepo cambiario convirtió el acceso al dólar en un privilegio político. Las SIRA transformaron permisos administrativos en activos millonarios. Y donde hay rentas extraordinarias creadas por el Estado, aparecen inevitablemente quienes buscan capturarlas. El kirchnerismo construyó un modelo que decía combatir al mercado mientras creaba el negocio más rentable de todos: el mercado del privilegio político. Mientras millones de argentinos perdían sus ahorros por la inflación, unos pocos tenían acceso a mecanismos vedados para el ciudadano común. Por eso Milei insiste en que la corrupción no es una anomalía del estatismo. Muchas veces es simplemente su consecuencia lógica. Cuando la política controla el dólar, aparecen arbitrajes. Cuando la política reparte permisos, aparece el lobby. Cuando la política administra privilegios, aparece la casta. La discusión de fondo no es solamente quién terminó con el dinero. La pregunta es mucho más profunda: ¿por qué existía un sistema donde semejante nivel de discrecionalidad era posible? Porque la verdadera grieta argentina no es entre peronistas y antiperonistas. Es entre privilegio criminal y libertad. VLLC
97
Voor Nederlanders die de Spaanse politiek niet volgen: het schandaal rond de socialistische regering Sánchez en de PSOE (de Partido Socialista Obrero Español, de Spaanse sociaaldemocratische regeringspartij) gaat niet in de eerste plaats over steekpenningen of partijfinanciering. De beschuldigingen raken de kern van de democratische rechtsstaat. De centrale vraag is namelijk niet of een politicus geld heeft aangenomen. De centrale vraag is of er politieke “loodgieters” werden ingezet om de controle op de macht zelf te neutraliseren. In Spanje wordt gesproken over netwerken rond partijfunctionarissen, adviseurs en vertrouwelingen van de PSOE die zouden hebben geprobeerd om openbare aanklagers te beïnvloeden, politieonderzoeken te sturen, belastende informatie te verzamelen over tegenstanders, kritische journalisten onder druk te zetten en gevoelige dossiers te controleren. Als dergelijke beschuldigingen zelfs maar gedeeltelijk waar blijken te zijn, hebben we het niet meer over gewone corruptie. Dan spreken we over institutionele corruptie. Gewone corruptie is wanneer een ambtenaar een envelop met geld aanneemt. Institutionele corruptie ontstaat wanneer de mechanismen die corruptie moeten bestrijden zelf worden aangetast. Wanneer aanklagers, politie, media of toezichthouders onderdeel worden van een politiek netwerk, verdwijnt de scheiding der machten. Dat is precies waarom Montesquieu zo belangrijk blijft. Vrijheid bestaat niet omdat politici deugen. Vrijheid bestaat omdat macht door macht wordt begrensd. Rechters controleren regeringen. Openbare aanklagers onderzoeken politici. Journalisten controleren de macht. Zodra die controleurs afhankelijk worden van dezelfde politieke macht die zij moeten controleren, begint de rechtsstaat af te brokkelen. De ernst van dit dossier zit daarom niet alleen in mogelijke corruptie, maar in de beschuldiging dat staatsmacht zou zijn gebruikt om controle op diezelfde staatsmacht te beïnvloeden. Als de scheidsrechter zelf onder druk wordt gezet, verandert de aard van het spel fundamenteel. Voor Nederlanders is dit geen ver-van-ons-bed-show. Democratieën sterven steeds minder vaak door tanks op straat. Veel vaker sterven zij tegenwoordig wanneer de instituties die de macht moeten controleren geleidelijk door diezelfde macht worden gekoloniseerd. De vraag is uiteindelijk niet alleen wat individuele politici hebben gedaan. De fundamentele vraag is of de Spaanse instituties sterk genoeg zijn om de macht onafhankelijk te onderzoeken. Want zodra partij, staat en rechtsstaat in elkaar overlopen, is Montesquieu niet formeel afgeschaft. Hij is simpelweg irrelevant gemaakt.
4
16
39
692
Voor de Spaanse regering lijkt Montesquieu dood. De scheiding der machten, de kern van iedere liberale rechtsstaat, wordt steeds vaker gezien als een obstakel zodra rechters onderzoek doen naar zware corruptie rond de politieke macht. Minister Óscar López, minister van Digitale Transformatie en Openbaar Bestuur in de regering van Pedro Sánchez, verklaarde deze week dat er rechters zijn die zich schuldig maken aan ambtsmisbruik, of anders mensen uit hun omgeving. Dat zijn buitengewoon zware beschuldigingen. In een rechtsstaat geldt een eenvoudige regel: wie bewijs heeft van een misdrijf, stapt naar justitie. Wie zonder bewijs rechters collectief verdacht maakt, ondermijnt het vertrouwen in de instituties. Het moment waarop deze uitspraken worden gedaan is veelzeggend. Spanje kent momenteel meerdere gevoelige onderzoeken naar vermeende corruptie rond de politieke macht, waaronder dossiers die raken aan personen uit de directe omgeving van premier Pedro Sánchez. Juist in zulke omstandigheden wordt de kwaliteit van een democratie getest. Accepteert de macht onafhankelijk toezicht, of probeert zij de controleurs te delegitimeren? Montesquieu begreep drie eeuwen geleden al dat vrijheid niet wordt beschermd door de goede bedoelingen van machthebbers, maar door institutionele tegenmacht. Wetgevende, uitvoerende en rechterlijke macht moeten elkaar begrenzen. Zodra de uitvoerende macht rechters begint af te schilderen als politieke actoren of vijanden van de regering, verschuift de balans van de rechtsstaat naar de logica van de macht. Natuurlijk zijn rechters niet onfeilbaar. Ook zij kunnen fouten maken of zich misdragen. Daarvoor bestaan beroepsprocedures, tuchtrecht en strafrecht. Maar een regering die systematisch rechters aanvalt wanneer onderzoeken haar politieke omgeving raken, wekt de indruk dat niet de waarheid centraal staat, maar zelfbehoud. De echte toets van een democratie is niet hoe zij omgaat met haar vrienden, maar hoe zij reageert wanneer justitie aanklopt bij de macht zelf. Wie onafhankelijke rechters alleen respecteert zolang zij geen gevoelige dossiers openen, verdedigt geen rechtsstaat. Hij verdedigt politieke macht tegen controle. Voor de Spaanse regering lijkt Montesquieu dood. Want als de rechterlijke macht slechts legitiem is zolang zij de regering niet onderzoekt, dan blijft er uiteindelijk maar één principe over: de macht controleert zichzelf. En de geschiedenis leert dat dit zelden goed afloopt.
1
5
7
265
De Trump-regering heeft besloten de toegang tot Claude Fable 5 te beperken voor buitenlanders. De rechtvaardiging is nationale veiligheid: geavanceerde AI-systemen zouden kunnen worden misbruikt voor cyberaanvallen of andere strategische doeleinden. Dat veiligheidsargument is op zichzelf begrijpelijk. Vanaf dat moment gaat het echter niet langer over veiligheid, maar over paspoorten. Claude Fable 5 is geen kernwapen. Het is een geavanceerd AI-model van Anthropic dat complexe taken kan uitvoeren, software kan schrijven en grote hoeveelheden informatie kan analyseren. Toch wordt de toegang niet beperkt op basis van individueel gedrag of aantoonbaar risico, maar op basis van nationaliteit. Nog opmerkelijker is het onderscheid tussen burgers en inwoners. Iemand kan legaal in de Verenigde Staten wonen, werken, belasting betalen, bedrijven opbouwen en banen creëren, maar toch minder toegang hebben tot technologie omdat hij toevallig elders geboren is. Sinds wanneer bepaalt een paspoort iemands recht om te innoveren? Amerika werd groot doordat het talent uit de hele wereld aantrok. Van Einstein tot de ingenieurs van Silicon Valley: de kracht van de Verenigde Staten lag in openheid, concurrentie en het aantrekken van de slimste mensen ter wereld. Een vrije samenleving beoordeelt individuen als individuen. Zodra de staat toegang tot kennis en technologie verdeelt op basis van geboortegrond of nationaliteit, verschuift men van gelijkheid voor de wet naar een systeem van privileges. De Verenigde Staten wonnen de twintigste eeuw door deuren te openen. Het zou tragisch zijn als zij de eenentwintigste eeuw ingaan door digitale muren op te trekken.
1
4
437
Ik word vaak gevraagd te bewijzen waarom ik FvD eerder zie als uitlaatklep dan als fundamentele oppositie tegen het Haagse regime. Het principe is simpel en universeel: kijk niet naar wat partijen zeggen, maar naar wat zij centraal stellen. En vooral: bestrijden zij de kern van het probleem, of slechts symptomen? Vanuit libertarisch perspectief is de kern van het probleem niet migratie, klimaat of cultuur. De kern is de concentratie van macht in de staat. Wie de omvang van de staat ongemoeid laat, bestrijdt uiteindelijk symptomen. Neem pensioenen. Nederland kent een van de meest gecentraliseerde pensioenstelsels ter wereld. Honderden miljarden euro’s worden verplicht beheerd binnen een sterk gereguleerd systeem, met beperkte keuzevrijheid voor burgers. Een werkelijk radicale systeemkritiek zou pleiten voor verregaande individualisering: eigen pensioenrekeningen, meer vrijheid om te sparen of te beleggen, concurrentie tussen aanbieders en een forse vermindering van de rol van de staat. Maar waar staat FvD hier fundamenteel voor? De nadruk ligt vaak op het beschermen van bestaande aanspraken en nationale controle, niet op het decentraliseren van pensioenvermogen naar individuele burgers. Dat is een verschil tussen andere beheerders en minder beheerders. Hetzelfde zien we bij decentralisatie. Een libertariër vraagt: welke bevoegdheden kunnen van Den Haag naar provincies, gemeenten, private verenigingen of individuen worden overgedragen? Waarom niet meer fiscale autonomie voor gemeenten? Waarom niet meer ruimte voor particulier onderwijs, particuliere infrastructuur of vrijwillige sociale arrangementen? In de praktijk zien we bij veel populistische partijen, inclusief FvD, eerder een voorkeur voor nationale soevereiniteit dan voor decentralisatie van macht als zodanig. Macht moet dan niet verdwijnen, maar verhuizen: van Brussel naar Den Haag. Voor een libertariër is dat onvoldoende. Een Nederlandse bureaucratie blijft een bureaucratie. Hier komt de elite-theorie van Pareto en Burnham om de hoek kijken. Elites wisselen voortdurend van samenstelling, maar de instituties blijven vaak bestaan. Nieuwe elites beheren dezelfde ministeries, dezelfde subsidies en dezelfde regelgeving. Dat is wat ik bedoel met “balletje-balletje”. De spelers veranderen, maar de tafel blijft staan. De echte oppositie tegen het regime meet je niet aan retoriek of mediacontroverses. Je meet haar aan concrete afbouw van staatsmacht: lagere belastingen, minder regelgeving, decentralisatie en meer eigendom en autonomie voor burgers. De vraag is dus niet: wie roept het hardst dat het systeem kapot is? 1/1 De vraag is: wie zaagt daadwerkelijk aan de macht van de staat zelf?
5
3
12
719
Verdere voorbeelden: FvD heeft nooit gepleit voor afschaffing van de verplichte aansluiting bij pensioenfondsen. Een werknemer kan nog steeds niet vrij beschikken over een groot deel van zijn eigen pensioenpremies. FvD heeft geen voorstel gedaan om de AOW geleidelijk te vervangen door individuele pensioenrekeningen naar Chileens of Australisch model. FvD verdedigt regelmatig de Nederlandse verzorgingsstaat voor Nederlanders. Dat is een discussie over wie de uitkeringen ontvangt, niet over de omvang van de herverdelingsstaat zelf. FvD richt zijn pijlen op Brussel, maar heeft geen structureel programma voor overdracht van bevoegdheden van Den Haag naar provincies en gemeenten naar Zwitsers model. FvD heeft geen uitgewerkt plan voor substantiële fiscale autonomie van gemeenten, terwijl Nederlandse gemeenten sterk afhankelijk blijven van het Gemeentefonds uit Den Haag. Tijdens de coronaperiode verzette FvD zich terecht tegen lockdowns, maar pleitte de partij niet voor structurele grondwettelijke beperkingen op noodbevoegdheden van toekomstige kabinetten. FvD bekritiseert de EU, maar heeft geen fundamenteel voorstel gedaan om ministeries af te schaffen of de omvang van de rijksdienst drastisch te verkleinen. FvD verdedigt nationale industrie en strategische sectoren. Dat verschuift economische macht naar de nationale staat in plaats van naar burgers en markten. FvD bekritiseert immigratie als oorzaak van woningnood, terwijl de Nederlandse woningmarkt al decennia wordt beperkt door bestemmingsplannen, stikstofregels, vergunningstelsels en gemeentelijke grondpolitiek. FvD spreekt veel over nationale soevereiniteit, maar minder over individuele soevereiniteit: het recht van burgers om zich te onttrekken aan collectieve regelingen, verplichte verzekeringen en verplichte pensioenstelsels. FvD heeft geen centraal programmapunt gemaakt van de afschaffing van beroepsregulering en vestigingsbeperkingen die toetreding tot markten bemoeilijken. FvD verdedigt vaak Nederlandse cultuur en identiteit, maar culturele centralisatie blijft centralisatie wanneer de staat cultuur definieert of beschermt. FvD heeft geen uitgewerkt voorstel voor radicale decentralisatie van onderwijsfinanciering via vouchers of volledige fiscale gelijkstelling van particulier onderwijs en thuisonderwijs. FvD bestrijdt vaak de Brusselse elite, maar veel oplossingen verplaatsen bevoegdheden slechts van Brussel naar Den Haag. Voor een libertariër is dat geen machtsvermindering maar machtsverplaatsing. Dat is de kern van elite- en uitlaatkleptheorie. Het balletje beweegt over de tafel, de speler verandert, maar de tafel blijft staan. De vraag is niet welke elite regeert. De vraag is hoeveel macht er überhaupt overblijft om te regeren. 2/2
4
279
Quo Vadis, Peter Thiel? Quo vadis, Peter? From Palermo Chico, you now witness a phenomenon few thought possible: a democratically elected president wielding a chainsaw against one of the world’s oldest managerial states. The infamous Red Circle. For decades, Argentina was James Burnham’s laboratory. Politicians came and went, but the true rulers remained: bureaucracies, unions, protected businessmen, subsidized industries, regulatory agencies, and the ever expanding círculo rojo. Governments changed. The criminal managerial class endured. Then came Javier Milei. A television economist armed with Austrian economics and a visceral rejection of the political caste. The question is no longer whether Burnham correctly diagnosed the rise of managers. He largely did. The question is whether elites are inevitable, or merely contingent. If Milei succeeds in privatizing, deregulating, balancing budgets, and returning power from ministries and protected industries to citizens, Argentina may become the first modern experiment in the partial reversal of managerialism through democratic means. And that raises uncomfortable questions for Silicon Valley. Were the managerial state and the technocratic elite truly inevitable? Or were they simply protected by bad institutions, inflationary finance, and regulatory privilege? Palantir itself embodies the paradox. Technology can decentralize power through markets and information. It can also concentrate power through surveillance and bureaucracy. Burnham taught us that elites rule. Hayek taught us that no elite possesses the knowledge to rule society efficiently. Argentina is becoming the battlefield between those two visions. So, Peter, looking out over Buenos Aires: Are you witnessing the birth of a freer order? Or merely the replacement of one managerial elite by another? History may soon answer. And the answer may determine whether the twenty first century belongs to states, managers, or free individuals.
1
1
4
160
Roaldcs 🚲 📣 retweeted
Een maat van me werkt bij een bedrijf waar ze Oekraïnse drones maken. Klein bedrijfje, maar gigantische innovatie. Input vanuit het slagveld resulteert wekelijks in aanpassingen. De drone van maandag is vrijdag verouderd. Geen vergadercircus en dagelijks vloeken over belemmerende regelgeving die nog snellere innovatie of opschalen belemmert. De strijd bepaalt of het product voldoet, niet de politicus.
2
3
226
2
12
203
In 2002 begon SpaceX in een gehuurd magazijn in een onopvallende buitenwijk van Los Angeles. Velen gaven het bedrijfje minder dan 10% kans om te overleven. Ruim twintig jaar later spreken we over mogelijk de grootste IPO uit de geschiedenis. Maar de echte impact van SpaceX ligt niet in de beurswaarde. Zij ligt in wat het bedrijf voor de mensheid heeft gebouwd. In de toegevoegde waarde. Via Starlink hebben inmiddels honderden miljoenen mensen toegang gekregen tot internet. Voor schooltjes in afgelegen gebieden in Afrika of Azië of Latijns Amerika betekent dat toegang tot kennis. Voor ondernemers betekent het toegang tot wereldmarkten. Voor artsen en hulpverleners betekent het toegang tot informatie. In het AI-tijdperk betekent internettoegang steeds meer toegang tot intelligentie zelf. In Oekraïne hielp Starlink communicatie in stand te houden toen Russische aanvallen infrastructuur vernietigden. Technologie van een privaat bedrijf bleek op cruciale momenten waardevoller dan decennia aan geopolitieke analyses. De les is niet dat overheden slechte bedoelingen hebben. De les is dat centrale planning fundamentele beperkingen kent. Zelfs als een EU overheidscommissie in 2002 exact dezelfde visie had gehad als Musk, was de kans groot dat het project zou zijn vastgelopen in bureaucratie, politieke belangen, risicomijding en ontbrekende prikkels. Innovatie vereist experimenteren, snelle beslissingen en de vrijheid om te falen. Dat is precies waar markten vaak sterker in zijn dan hiërarchieën. Van een magazijn in Californië naar internet voor de meest afgelegen regio’s op aarde, hulp aan Oekraïne en misschien ooit een stad op de maan en later op Mars. Vrijheid bouwt soms dingen die zelfs de meest ambitieuze planners zich nauwelijks konden voorstellen. youtu.be/ilm9a_5NI0M?si=SRGO…
1
9
25
1,876
Ik heb geen probleem met communisten. Ik heb geen probleem met Marokkanen. Ik heb geen probleem met christenen, moslims, atheïsten, veganisten, conservatieven of progressieven. Mensen mogen denken, geloven, associëren en leven zoals zij willen, zolang zij hetzelfde recht aan anderen laten. Dat is precies wat een vrije samenleving betekent. Je mag in een commune wonen. Je mag vijf keer per dag bidden. Je mag een kerk bouwen, een moskee bezoeken, een socialistisch boek schrijven of een kapitalistisch bedrijf oprichten. Vrijheid betekent juist dat mensen verschillende levens leiden. Mijn probleem begint pas wanneer mensen de democratie beschouwen als een instrument om hun persoonlijke voorkeuren via staatsdwang aan anderen op te leggen. Te vaak wordt politiek gezien als een permanente strijd om de staatsmacht: vandaag leg jij jouw normen aan mij op, morgen leg ik mijn normen aan jou op. Zo ontstaat een eindeloos gevecht om belastingen, subsidies, verboden, quotas, herverdeling en regulering. De samenleving verandert dan in een permanent gepolitiseerde arena waarin alles politiek wordt. Maar niet alles hoeft politiek te zijn. Een vrije samenleving laat ruimte voor vrijwillige samenwerking, vrije associatie en vreedzame co-existentie. Zij erkent dat miljoenen mensen fundamenteel van elkaar verschillen en toch vreedzaam naast elkaar kunnen leven zonder elkaar voortdurend te overheersen. Voor een libertariër is de centrale vraag daarom niet: “Welke groep moet winnen?” De echte vraag is: “Hoe beperken we de macht van de staat zodat niemand zijn voorkeuren met geweld aan anderen kan opleggen?” Democratie is waardevol als mechanisme voor vreedzame machtswisseling. Maar democratie is geen morele vrijbrief voor de tirannie van de meerderheid. Vrijheid betekent niet dat iedereen hetzelfde denkt. Vrijheid betekent dat mensen vreedzaam verschillend mogen zijn. youtu.be/laekiGqUjA0?si=gFR1…
10
17
62
2,945
De moderne Mexicaanse identiteit bevat een historische paradox. Mexico noemt zich trots mestizo, viert de Mexica of Azteken als nationale symbolen en noemt zelfs zijn grootste stadion decennialang het Estadio Azteca. Maar historisch gezien waren de Mexica slechts één van de vele volkeren van Meso-Amerika, en bepaald niet de meest geliefde. Toen Hernán Cortés in 1519 arriveerde, telde hij slechts enkele honderden Spanjaarden. Het waren niet de Spanjaarden alleen die het Mexica-rijk versloegen, maar een enorme coalitie van inheemse volkeren zoals de Tlaxcalteken, Totonaken en Texcocanen, die al decennialang onderworpen waren aan het tribuut- massale mensenoffer- en oorlogssysteem van de Mexica. Historici benadrukken dat zonder deze bondgenoten de val van Tenochtitlan in 1521 vrijwel ondenkbaar was. Waarom identificeren veel Mexicanen zich dan toch juist met de Mexica? Omdat naties mythen nodig hebben. Na de onafhankelijkheid van Spanje in de negentiende eeuw zocht Mexico naar een prekoloniaal symbool dat het land kon verenigen. De Mexica boden een machtig imperiaal verleden: Tenochtitlan, de adelaar op de cactus en een groot rijk. De tientallen andere stammen pasten minder goed in een nationaal verhaal. De Mexica werden zo verheven tot nationale voorouders, terwijl de Tlaxcalteken vaak als verraders werden neergezet, ondanks hun cruciale rol in de geschiedenis. Dat is ironisch: zonder Tlaxcala zou het huidige Mexico waarschijnlijk nooit zijn ontstaan. De Mexicaanse historicus Juan Miguel Zunzunegui heeft herhaaldelijk betoogd dat de verovering niet simpelweg “Spanjaarden tegen indianen” was, maar eerder een grote inheemse coalitie tegen de hegemonie van de Mexica. Volgens hem werd het rijk “samen veroverd” en ontstond daaruit de mestizo-beschaving die Mexico vandaag vormt. Vanuit dat perspectief is de naam “Azteca” voor een nationaal stadion historisch erg discutabel. Als men werkelijk alle wortels van Mexico wil eren, zou een naam die de mestizo-identiteit of de vele inheemse volkeren weerspiegelt historisch veel meer verdedigbaar zijn.
3
8
19
708
Most Americans learn about the English roots of the United States. Far fewer learn how much they owe to the Dutch. Yet the Netherlands played an extraordinary role in the creation of America. • The Dutch founded New Netherland in 1624, establishing one of the most important colonies in North America. • The Dutch founded New Amsterdam on Manhattan Island. After the English takeover, it became New York City, today America’s largest city and financial capital. • Dutch settlements laid the foundations for parts of modern New York, New Jersey, Delaware and Connecticut. • The Pilgrims spent more than eleven years in Leiden - The Netherlands before boarding the Mayflower. Many of their ideas about self government and religious freedom were shaped during their time in the Dutch Republic. • The Dutch Republic was one of the most tolerant societies of its age. At a time when much of Europe was torn apart by religious conflict, the Netherlands offered a remarkable degree of freedom of worship and expression. • The Dutch Act of Abjuration of 1581 declared that a ruler who violates the rights of the people loses the right to govern. Nearly two centuries later, the American Declaration of Independence echoed the same revolutionary principle. • The Founding Fathers closely studied the Dutch Republic. Its decentralized structure, with strong provinces and limited central authority, provided an important example for American federalism. • Amsterdam developed the world’s most sophisticated capital markets. The Dutch pioneered many modern financial institutions that later influenced American banking and public finance. • Dutch merchants helped create the commercial culture that would become a defining feature of American economic life, especially in New York. • On 16 November 1776, the Dutch island of Sint Eustatius became the first place in the world to officially salute the American flag. This was the first international recognition of the emerging United States. • In 1782, the Dutch Republic became one of the first countries to formally recognize American independence and establish diplomatic relations with the new nation. • Dutch bankers provided desperately needed loans to the United States during and after the Revolutionary War. These funds helped the young republic survive its fragile early years. • Wall Street, the financial heart of America, takes its name from a wall built by Dutch settlers in New Amsterdam. The American Revolution is often told as a story of English colonists breaking away from Britain. That is only part of the story. Behind the scenes stood a small republic on the North Sea that had already fought its own war of independence, developed advanced financial markets, embraced commerce, experimented with federal government and defended the idea that rulers derive their legitimacy from the consent of the governed. England gave America its language. France helped secure its military victory. The Netherlands helped provide many of the institutions, ideas, capital and symbols that made the United States possible.
8
18
407
De Europese defensie-uitgaven gaan de komende jaren explosief stijgen. Veel politici presenteren dat als een noodzakelijke investering in veiligheid. Misschien. Maar een libertariër kijkt niet alleen naar het doel. Ook naar de methode. Neem het nieuwe Europese gevechtsvliegtuig van Frankrijk, Duitsland en Spanje. Bijna tien jaar overleg. Eindeloze conflicten over werkverdeling, intellectueel eigendom, subsidies en politieke invloed. Miljarden aan belastinggeld. Nog steeds geen operationeel vliegtuig. En het project is inmiddels dood. Dat is hoe industriële politiek heel vaak werkt. De komende jaren zullen Europese regeringen honderden miljarden richting defensie sturen. Een deel daarvan zal nodig zijn. Maar verwacht ook lobbyisten, nationale kampioenen, subsidieconstructies, prestigeprojecten en bedrijven die meer tijd besteden aan ministeries dan aan klanten. Politici spreken graag over strategische autonomie. In de praktijk betekent dat vaak dat belastingbetalers projecten financieren die een vrije markt nooit op deze schaal zou accepteren. Een markt straft fouten af. Een ministerie vraagt extra budget. Veiligheid is een legitieme overheidstaak. Dat betekent niet dat elke defensie-euro verstandig wordt besteed. Integendeel. Juist wanneer angst, geopolitiek en nationale trots samenkomen, verdwijnt de financiële discipline vaak als eerste. De vraag is niet of Europa meer geld aan defensie uitgeeft. De vraag is hoeveel daarvan eindigt in betere tanks, schepen, drones en vliegtuigen. Heel weinig denk ik. En hoeveel verdwijnt in een groeiend Europees militair-industrieel complex dat vooral experts, consultants, lobbyisten en politici rijker maakt.
8
18
41
1,915
José Luis Rodríguez Zapatero was van 2004 tot 2011 premier van Spanje namens de socialistische PSOE. Na zijn premierschap ontwikkelde hij zich tot de belangrijkste Europese verdediger van het criminele Venezolaanse regime van Nicolás Maduro. Terwijl miljoenen Venezolanen vluchtten, politieke tegenstanders werden opgesloten en de EU sancties oplegde, bleef Zapatero optreden als gesprekspartner, lobbyist en internationale legitimatie van het regime. Vandaag staat hij centraal in een onderzoek naar mogelijke witwasconstructies, belastingfraude, invloedshandel, internationale geldstromen en de redding van Plus Ultra met €53 miljoen belastinggeld tijdens de Corona periode. In dat onderzoek duiken namen op die al jaren bekend zijn bij Amerikaanse opsporingsdiensten en in dossiers rond het Venezolaanse regime, waaronder Álex Saab en Hugo “El Pollo” Carvajal. Het onderzoek raakt aan netwerken rond illegale sanctie olie, politieke invloed, internationale transacties en mogelijke constructies waarmee geld buiten het zicht van autoriteiten kon worden verplaatst. Deze week kwam daar een nieuw element bij. Een officiële taxatie in opdracht van de onderzoeksrechter waardeert de juwelen uit een kluis van Zapatero na een politie inval op ongeveer €1,3 miljoen. Dat staat in scherp contrast met eerdere berichten uit zijn omgeving waarin de indruk werd gewekt dat het om een veel bescheidener collectie ging van zijn oma. Voor de PSOE is dit inmiddels veel meer dan een juridisch dossier. Zapatero was acht jaar premier van Spanje en geldt nog steeds als een van de invloedrijkste figuren binnen de Spaanse linkerzijde. Elke nieuwe ontwikkeling raakt daardoor niet alleen zijn persoonlijke reputatie, maar ook het politieke erfgoed van het socialisme in Spanje. Het onderzoek loopt nog, maar de omvang ervan wordt steeds duidelijker. Huiszoekingen, inbeslagnames, financiële analyses, internationale connecties en een spoor dat loopt van Madrid naar Caracas en zelfs naar Peking. De vraag die boven de zaak hangt is eenvoudig: hoe dicht bevonden politieke macht, zakelijke belangen en internationale geldstromen zich werkelijk bij elkaar? Zapatero staat al met 1 been in de gevangenis. Wellicht veel langer dan Sarkozy. Wel mooi dat de politieke maffia in Europa ook de binnenkant van de gevangenissen krijgt te zien. Mooie tendens.
5
7
253
De NOS meldt dat steeds meer gemeenten thuisonderwijs vanwege levensbeschouwelijke bezwaren willen terugdringen. Den Haag stuurt ruim honderd kinderen na de zomer terug naar school, andere gemeenten volgen en het OM wil ouders weer gaan vervolgen. De overheid doet alsof dit over onderwijs gaat. Dat is misleidend. Deze kinderen krijgen onderwijs. De echte discussie gaat over macht: mogen ouders bepalen hoe hun kinderen leren, of claimt de staat een monopolie op onderwijs? Opvallend is dat thuisonderwijs in de Verenigde Staten al decennialang laat zien dat leerlingen gemiddeld goed tot zeer goed presteren op toetsen en succesvol doorstromen naar universiteiten. Zelfs Nederlandse onderwijsonderzoekers erkennen dat thuisonderwezen kinderen vaak bovengemiddeld presteren en sociaal goed meekomen. Het probleem is dus niet dat kinderen niets leren. Het probleem is dat ze leren buiten een door de overheid gecontroleerd systeem. Leerplicht is één ding. Schoolplicht is iets anders. NOS-artikel: Meerdere gemeenten wijzen nieuwe aanvragen voor thuisonderwijs af⁠ De NOS meldt dat steeds meer gemeenten thuisonderwijs vanwege levensbeschouwelijke bezwaren willen terugdringen. Den Haag stuurt ruim honderd kinderen na de zomer terug naar school, andere gemeenten volgen en het OM wil ouders weer gaan vervolgen. De overheid doet alsof dit over onderwijs gaat. Dat is misleidend. Deze kinderen krijgen onderwijs. De echte discussie gaat over macht: mogen ouders bepalen hoe hun kinderen leren, of claimt de staat een monopolie op onderwijs? Opvallend is dat thuisonderwijs in de Verenigde Staten al decennialang laat zien dat leerlingen gemiddeld goed tot zeer goed presteren op toetsen en succesvol doorstromen naar universiteiten. Zelfs Nederlandse onderwijsonderzoekers erkennen dat thuisonderwezen kinderen vaak bovengemiddeld presteren en sociaal goed meekomen. Het probleem is dus niet dat kinderen niets leren. Het probleem is dat ze leren buiten een door de overheid gecontroleerd systeem. Leerplicht is één ding. Schoolplicht is iets heel anders. De polder wil niet dat het monopolie wordt afgebroken. nos.nl/l/2618100
3
18
36
1,148