Van het gas af, maar kook vooral niet als u honger hebt
Nederland heeft opnieuw een briljante oplossing gevonden voor een probleem dat de overheid zelf heeft georganiseerd.
Eerst moesten we van het gas af.
Koken op gas was ouderwets, ongewenst en waarschijnlijk binnenkort alleen nog toegestaan in een historisch openluchtmuseum. De toekomst was elektrisch: inductiekoken, warmtepompen, laadpalen en liefst ook een elektrische tandenborstel met klimaatcertificaat.
Iedereen moest aan de stekker.
Nu blijkt het stroomnet al die stekkers niet aan te kunnen.
De nieuwe oplossing?
Stroom duurder maken op precies het moment waarop vrijwel iedereen stroom nodig heeft.
Van vier uur ’s middags tot elf uur ’s avonds moet u uw elektrische levensstijl liefst even uitschakelen.
Niet koken.
Niet wassen.
Niet verwarmen.
Niet opladen.
Niet douchen wanneer daarvoor elektrisch warm water nodig is.
Vooral niet gelijktijdig leven met uw buren.
Eten doet u voortaan buiten de piekuren
De gemiddelde Nederlander komt rond vijf of zes uur thuis.
De kinderen hebben honger. De aardappelen moeten op het vuur.
De warmtepomp probeert het huis behaaglijk te houden.
De vaatwasser zit vol.
De wasmand puilt uit.
De elektrische auto moet worden opgeladen voor de volgende werkdag.
Dat blijkt vanaf nu economisch asociaal gedrag.
U gebruikt stroom op een moment waarop andere mensen óók stroom gebruiken.
Hoe durft u?
De overheid heeft u eerst verplicht alles te elektrificeren en legt vervolgens uit dat u elektriciteit niet moet gebruiken wanneer u die nodig hebt.
Het nieuwe Nederlandse avondritueel wordt dus:
16.00 uur: alle apparaten uit.
17.00 uur: kinderen vragen wanneer ze eten.
18.00 uur: overheid adviseert flexibiliteit.
19.00 uur: gezin eet een koude boterham.
20.00 uur: warmtepomp krijgt huisarrest.
21.00 uur: opa zit met winterjas op de bank.
23.01 uur: heel Nederland zet tegelijk de oven, wasmachine, droger en laadpaal aan.
Dan heet het probleem waarschijnlijk nachtcongestie.
De gasleiding is weg, het alternatief is duur
Jarenlang werd verteld dat elektrisch koken de toekomst was.
Gemeenten maakten plannen voor aardgasvrije wijken. Nieuwe woningen kregen vaak geen gewone gasaansluiting meer. Huiseigenaren werden aangemoedigd duizenden euro’s uit te geven aan inductieplaten, warmtepompen en elektrische boilers.
Nu komt de volgende fase van de energietransitie:
U hebt keurig gedaan wat van u werd verlangd. Daarvoor wordt u bestraft.
Wie op gas kookte, moest overstappen.
Wie elektrisch kookt, moet buiten de spits eten.
De overheid noemt dat geen tegenstrijdigheid, maar een financiële prikkel.
Een financiële prikkel is Haags voor:
Wij hebben het niet goed geregeld, dus u betaalt extra.
Koken om twee uur ’s nachts
Gelukkig blijft er keuzevrijheid.
U mag zelf bepalen of u om drie uur ’s middags warm eet of na elf uur ’s avonds.
De moderne Nederlander komt voortaan tijdens zijn lunchpauze thuis om alvast de avondmaaltijd te bereiden.
Pensioengerechtigden kunnen om 14.30 uur aan de boerenkool.
Gezinnen met jonge kinderen serveren het diner om 23.15 uur.
Werknemers in ploegendienst hebben eindelijk een voordeel: zij waren toch al wakker wanneer de stroom betaalbaar is.
Er verschijnen nieuwe televisieprogramma’s:
Heel Holland Kookt ’s Nachts.
Met opdrachten als:
“Bereid vóór het ochtendtarief een ovenschotel, laad twee auto’s op en droog drie wassen zonder de hoofdzekering van de straat eruit te blazen.”
De winnaar krijgt een verlengsnoer.
De slimme meter als elektronische portier
De slimme meter werd ooit verkocht als een handig apparaat waarmee u inzicht kreeg in uw verbruik.
Inmiddels krijgt vooral de overheid inzicht in het tijdstip waarop u een tosti maakt.
De meter kijkt straks streng mee:
Aha, meneer zet om 18.06 uur de inductieplaat aan. Dat wordt tarief rood.
Mevrouw gebruikt om 19.12 uur de wasdroger. Dat is financieel ongewenst gedrag.
Het gezin zet om 20.00 uur de verwarming hoger. Overtreding van de maatschappelijke energiediscipline.
Straks krijgt u na het koken een digitaal rapport:
U hebt tijdens de piekuren vier pitten gebruikt.
Met één koude salade had u € 3,40 kunnen besparen.
Probeer morgen eens vasten.
De warmtepomp moet leren klokkijken
De warmtepomp was volgens de brochures duurzaam, modern en efficiënt. Alleen heeft zo’n apparaat één hinderlijke eigenschap: het gebruikt elektriciteit wanneer het koud is.
Vooral in de winter en laat de winteravond nu precies het moment zijn waarop het stroomnet zwaar belast wordt.
De burger krijgt dus een technisch meesterwerk in huis dat warmte produceert wanneer warmte nodig is, maar financieel het liefst moet wachten totdat iedereen in bed ligt.
Misschien krijgt iedere warmtepomp straks een wekker:
23.00 uur: opstaan en verwarmen.
07.00 uur: snel weer uit, want Nederland begint aan de ochtendpiek.
Het huis wordt warm wanneer niemand meer in de woonkamer zit.
Dat heet in beleidsstukken waarschijnlijk “vraaggestuurde comfortoptimalisatie”.
De elektrische auto als nachtdier
Ook de elektrische auto moest de redding worden.
U komt thuis, steekt de stekker erin en rijdt de volgende ochtend schoon en verantwoord naar het werk.
Maar niet meer tussen vier en elf.
De laadpaal moet wachten tot de stroomprijs gunstiger is.
Geen probleem, zegt Den Haag. Slimme apparatuur regelt dat automatisch.
Natuurlijk.
Want iedere Nederlander heeft vanzelfsprekend een eigen oprit, een slimme laadpaal, een thuisbatterij, zonnepanelen, een energiebeheersysteem en een financieel adviseur die ’s nachts de wasmachine bedient.
De bewoner van een flat die zijn auto aan een openbare laadpaal zet, moet maar hopen dat de andere dertig auto’s eerst klaar zijn.
Dat heet solidariteit op wielen.
Een thuisbatterij voor ieder gezin
De volgende oplossing ligt al klaar: de thuisbatterij.
U koopt voor duizenden euro’s een grote batterij om overdag goedkope stroom op te slaan en ’s avonds uw aardappelen te koken.
Daarmee lost u het probleem op dat ontstond nadat u duizenden euro’s had uitgegeven om van het gas af te gaan.
De energietransitie is daarmee een soort abonnement:
Iedere paar jaar koopt u een nieuw apparaat om de nadelen van het vorige verplichte apparaat te compenseren.
Eerst zonnepanelen.
Daarna een warmtepomp.
Vervolgens inductie.
Toen een elektrische auto.
Nu een thuisbatterij.
Straks een noodaggregaat voor wanneer het slimme systeem besluit dat u vandaag geen recht hebt op stamppot.
De rekening wordt eerlijk verdeeld
De politiek zal vanzelfsprekend benadrukken dat het systeem eerlijk is.
Mensen die hun gebruik verplaatsen, kunnen besparen.
Dat klinkt prachtig voor iemand met een villa, zonnepanelen, een accu en apparaten die zichzelf ’s nachts inschakelen.
Maar een gezin dat om zes uur moet koken, kan moeilijk tegen de kinderen zeggen: “Vandaag eten we om middernacht, want papa wil maatschappelijk verantwoord piekvermijden.”
Een oudere die warmte nodig heeft, kan zijn lichaam niet op een daltarief programmeren.
Een mantelzorger kan niet altijd wachten met wassen.
Iemand met medische apparatuur zal zich weinig aantrekken van een kleurcode op de energie-app.
Maar geen zorgen: voor kwetsbare huishoudens komt er ongetwijfeld een regeling.
Met formulieren.
Bewijsstukken.
Inkomensgrenzen.
Uitzonderingen.
Een digitaal loket.
Een wachttijd van acht weken.
Daarvoor wordt een speciale uitvoeringsorganisatie opgericht die zelf wegens personeelstekort alleen tussen 10.00 en 15.00 uur bereikbaar is.
Het netwerk niet op tijd uitgebreid? Dan straft men de gebruiker
De kern van het verhaal is pijnlijk eenvoudig.
Nederland wilde razendsnel elektrificeren.
Maar de uitbreiding van kabels, transformatorhuisjes en onderstations hield geen gelijke tred.
Bedrijven wachten op aansluitingen.
Nieuwe woonwijken lopen tegen beperkingen aan.
Het net raakt op steeds meer plaatsen vol.
In een normaal land zou men zeggen:
“We hebben de infrastructuur niet snel genoeg uitgebreid.”
In Nederland zegt men:
“De burger gebruikt elektriciteit op het verkeerde tijdstip.”
Niet het beleid faalde.
Uw avondeten kwam gewoon ongelegen.
Welkom in de energiesamenleving van morgen
Overdag leveren zonnepanelen soms zoveel stroom dat prijzen laag of zelfs negatief kunnen worden.
’s Avonds, wanneer gezinnen thuiskomen en de zon is verdwenen, neemt de vraag toe.
Dat is geen verrassing. Mensen eten nu eenmaal ’s avonds.
Huizen moeten vooral warm zijn wanneer er mensen aanwezig zijn.
Auto’s worden opgeladen nadat werknemers thuiskomen.
Dit gedrag bestaat al zolang er huishoudens zijn.
Maar de beleidsmakers hebben een revolutionaire oplossing:
Niet het energiesysteem aanpassen aan het menselijk leven.
Het menselijk leven aanpassen aan het energiesysteem.
Daarom wordt de toekomst uiterst overzichtelijk:
U mag niet meer op gas koken.
Elektrisch koken is verplicht of onvermijdelijk.
Maar elektrisch koken tijdens etenstijd wordt duurder.
De auto moet elektrisch.
Maar opladen na het werk is ongewenst.
De verwarming moet elektrisch.
Maar verwarmen tijdens een koude winteravond belast het net.
Wanneer u vraagt hoe dit allemaal tegelijk moet, krijgt u een brochure over bewust energiegebruik.
De Nederlandse energietransitie in één zin
Eerst zegt de overheid:
“Doe alles elektrisch.”
Daarna zegt de overheid:
“Gebruik vooral geen elektriciteit.”
Wanneer de burger voorzichtig vraagt hoe hij dan moet koken, verwarmen, wassen en rijden, volgt het bekende antwoord:
“Daar moet de consument slimmer mee omgaan.”
Nee.
De consument hoeft niet slimmer te worden.
De consument heeft gedaan wat hem is opgedragen.
Het beleid moet eindelijk logisch worden.
Tot die tijd wordt het avondeten een luxeproduct, de warmtepomp een nachtdier en de slimme meter een elektronische belastinginspecteur.
Van het gas af. Aan de stekker.
Maar tussen vier en elf liefst even niet leven.